Sinds 2005 keert de Belastingdienst een tegemoetkoming uit aan ouders voor de kosten van kinderopvang. De hoogte van die tegemoetkoming is mede afhankelijk van het inkomen.
Gaan uw kinderen naar de kinderopvang? Dan kunt u waarschijnlijk kinderopvangtoeslag krijgen. De Belastingdienst betaalt deze toeslag per maand vooruit.
De kinderopvangtoeslag die u van ons krijgt, bestaat meestal uit 2 delen:
* de overheidsbijdrage. Deze bijdrage is afhankelijk van uw toetsingsinkomen.
* als u werkt: de werkgeversbijdrage. Die keert de belastingdienst uit als extra toeslag Dit bedrag is niet afhankelijk van uw inkomen, maar van uw kosten voor kinderopvang. De werkgeversbijdrage is 1/3 deel van de kosten van kinderopvang als u een toeslagpartner hebt. Hebt u die niet, dan is het 1/6.
De Wet gaat alleen over de formele vormen van kinderopvang. De overheid vergoedt alleen kinderopvang bij een geregistreerd kindercentrum. De peuterspeelzalen vallen niet onder de Wet Kinderopvang.
Wetswijzigingen 2012
Voor iedereen: u moet zelf meer betalen
De overheid gaat minder bijdragen aan de kosten van kinderopvang. Uw kinderopvangtoeslag wordt daardoor lager. Hoeveel lager, hangt af van uw (gezamenlijke toetsingsinkomen. Hoe hoger uw inkomen, hoe meer u zelf moet betalen.
Voor iedereen: alleen kinderopvangtoeslag voor gewerkte uren
U kunt alleen nog kinderopvangtoeslag krijgen voor de uren die u werkt. U moet uitgaan van de ouder die de minste uren per jaar werkt. Gaat uw kind minder uren per jaar na de opvang dan dat u werkt? Neem dan de werkelijke uren.
De uren waarvoor u maximaal kinderopvangtoeslag kunt krijgen, berekent u zo:
Gaat uw kind naar de dagopvang? Vermenigvuldig de uren die u werkt, met 140%.
Gaat uw kind naar de buitenschoolse opvang? Vermenigvuldig de uren die u werkt, met 70%.
In de percentages is rekening gehouden met reistijd en verplichte pauzes.
U heeft meer dan 230 uur opvang per maand
U kunt per kind voor 230 uur kinderopvangtoeslag per maand krijgen. Dit geldt voor alle opvangsoorten samen. Dus als uw kind zowel naar een kindercentrum als naar een gastouder gaat, kunt u in totaal voor maximaal 230 uur kinderopvangtoeslag krijgen. U moet uitgaan van de gewerkte uren van de ouder die het minste aantal uren per jaar werkt. Hebt u recht op minder uren, geef die uren dan door.
U stopt met werken
Werkt u in loondienst en stopt u met werken? Of stopt u uw onderneming en bent u niet meer ingeschreven bij de Kamer van Koophandel? Als uw kind nog naar de kinderopvang gaat, hebt u nog recht op 3 maanden kinderopvangtoeslag voor het aantal uren voorafgaand aan de maand van werkloosheid. daarna moet u de toeslag stopzetten. U kunt pas weer kinderopvangtoeslag krijgen als u weer aan de slag gaat. Gebeurt dat binnen die 3 maanden? Of gaat u binnen 3 maanden een verplichte inburgeringscursus volgen, een re-integratietraject via de gemeente of UWV, of studeren? Als uw kind nog naar de kinderopvang gaat, hoeft u de kinderopvangtoeslag niet stop te zetten. Verandert uw inkomen doordat u geen werk meer hebt? Geef dat dan meteen aan ons door.
U bent kunstenaar
De regeling Wet Werk en Inkomen Kunstenaars (WWIK) is opgeheven. Bent u kunstenaar en kreeg u in 2011 een WWIK-uitkering? vanaf 2012 gelden voor u dezelfde voorwaarden als voor niet-kunstenaars. U kunt alleen kinderopvangtoeslag krijgen als u werkt, studeert, een traject volgt om de kans op werk te vergroten, of een verplichte inburgeringscursus volgt.